
UEFA reserveert in de Champions League acht selectieplaatsen voor lokaal opgeleide spelers. Voor een volle lijst van 25 spelers moet een club minstens vier spelers uit de eigen opleiding inschrijven. Daarbij kijkt UEFA naar waar iemand in zijn jeugd stond ingeschreven. Het paspoort en de huidige leeftijd bepalen die opleidingsstatus niet.
Vier plaatsen voor de eigen opleiding
De Europese spelersselectie bestaat uit lijst A en lijst B. Op lijst A mogen maximaal 25 spelers staan. Binnen de acht opleidingsplaatsen mogen hoogstens vier spelers meetellen die alleen bij andere clubs binnen dezelfde voetbalbond zijn opgeleid. De overige vier plaatsen moeten dus naar spelers die bij de huidige club zijn opgeleid. Acht eigen opgeleide spelers mag ook. Heeft een club te weinig spelers voor die gereserveerde plaatsen, dan wordt de maximale omvang van lijst A kleiner. De club mag de ontbrekende opleidingsplaatsen niet opvullen met andere aankopen. Een grote selectie op papier levert daardoor niet vanzelf 25 Europese inschrijvingen op.
Het opleidingsverleden telt
Voor de status clubopgeleid moet een speler drie volledige seizoenen of 36 maanden bij zijn huidige club ingeschreven hebben gestaan. UEFA kijkt daarvoor naar de opleidingsperiode tussen 15 en 21 jaar, met precieze grenzen rond het begin en einde van een seizoen. Die perioden hoeven niet aaneengesloten te zijn. Voor opleiding binnen dezelfde bond geldt dezelfde duur. De speler mag die tijd bij één of meer clubs hebben doorgebracht, zolang die bij dezelfde bond als zijn huidige club zijn aangesloten. Een buitenlandse speler kan dus lokaal opgeleid zijn. Een Nederlander die zijn opleiding buiten Nederland doorliep, krijgt die status bij een Nederlandse club niet automatisch. Het overzicht op een clubpagina, zoals de selectie van Ajax, is geen Europese inschrijflijst. UEFA gebruikt voor de deelname de afzonderlijk ingediende spelerslijsten.
Lijst B biedt ruimte aan jonge spelers
Op lijst B mogen clubs tijdens het seizoen onbeperkt spelers aanmelden. Voor 2026/27 geldt een geboortedatum op of na 1 januari 2005. Daarnaast moet de speler sinds zijn vijftiende twee jaar onafgebroken speelgerechtigd zijn geweest voor de betreffende club. Er bestaat ook een route van drie opeenvolgende jaren bij die club. Daarin past hoogstens één uitleenperiode van maximaal een jaar bij een club binnen dezelfde bond. Een 16-jarige kan op lijst B als hij de voorafgaande twee jaar onafgebroken bij de deelnemende club stond ingeschreven.
Alleen jong zijn is dus onvoldoende. Een net aangekochte speler moet ook aan het vereiste clubverleden voldoen. De aanmelding voor lijst B moet uiterlijk om 23.59 CET op de dag voor de wedstrijd binnen zijn. Deze voorwaarden staan in UEFA’s uitleg over de spelerslijsten.
De opleidingsregel bestaat sinds 2006
UEFA wil met de regeling clubs stimuleren om jonge spelers op te leiden en hun lokale identiteit te behouden. De bond noemt ook een opener en eerlijker competitie als doel. De invoering verliep in stappen: vier opleidingsplaatsen in 2006/07, zes in 2007/08 en acht vanaf 2008/09. De regel schrijft geen vast aantal lokaal opgeleide spelers in de basiself of wedstrijdselectie voor. Een trainer blijft vrij om uit zijn beschikbare spelers te kiezen. Het quotum bepaalt hoeveel spelers de club kan inschrijven, niet wie op zondag of op een Europese avond moet beginnen.